Harrie Janssen Lok. Praktijk voor gezinsbegeleidingTips

Zelfvertrouwen en opkomen voor jezelf.

Invloeden:
Als je als ouder je kind steeds op zijn/haar fouten wijst, werkt dat remmend op het zelfvertrouwen en het vormen van een positieve zelfbeeld van je kind. De aard van je kind speelt ook een rol. Soms is het ene kind wat angstiger van aard dan het andere. Dat mag. Niet iedereen is hetzelfde. Je hoeft niet van elk kind een stoere held te maken.
Zelfvertrouwen heeft te maken met een positief zelfbeeld. Een kind krijgt een positief zelfbeeld door positieve dingen over zichzelf te horen. Als je als kind leert wat je sterke en minder sterke kanten zijn, krijg je een goed (eerlijk) beeld van jezelf. Je kind leert zo op zichzelf te vertrouwen. Je kind voelt, “ik kan het aan”.

Soms zijn er omstandigheden die het zelfvertrouwen ondermijnen. Zoals een scheiding, een dierbare die is overleden.
Een onveilige buurt, een kind dat wordt gepest op school enz. Onderzoek of zoiets speelt in de situatie van jouw kind.

Tip:
Geef je kind complimentjes. Zie wat er goed gaat. Laat merken dat je trots op je kind bent. Laat je kind voelen dat het er mag zijn. Geef je kind positieve aandacht door samen te spelen, te praten, voor te lezen, te stoeien, te sporten enz. en breng voldoende tijd samen door. Zo krijg je een goed beeld van je kind.

Samen oefenen.
Doe je dit bovenstaande al en merk je dat je kind het moeilijk vindt om voor zichzelf op te komen kun je het volgende doen.
Praat erover met je kind. Het is zinvol om te ontdekken in welke situaties het voorkomt. Bijvoorbeeld op school, thuis met broers/zussen, bij vriendinnen of sportclub.
Stel dat je dochter van 10 jaar het moeilijk vindt om nee te zeggen tegen een vriendin.
Je kunt dan o.a. de volgende vragen stellen:

  • Wat gebeurt er?
  • Wat zou je anders willen doen?
  • Wanneer lukt het wel en waar nog niet?
  • Welke nieuwe vaardigheden wil je leren?

Belangrijk hierbij is dat je kind zich bewust wordt van de keuzes die het heeft. Geef het kind verantwoordelijkheid en laat het zelf beslissingen nemen. Stel dus vooral vragen, geef zo min mogelijk antwoord en vul zo min mogelijk in als je kind naar antwoorden en oplossingen zoekt.

Afhankelijk van de leeftijd pas je de vragen en de vorm aan.
Wil je meer weten? Bel of mail voor een afspraak.